In de meeste Westerse landen wordt het steeds duidelijker dat jongens minder succesvol zijn in hun onderwijsloopbaan dan meisjes. Dat jongens gemiddeld een lager opleidingsniveau hebben dan meisjes is vooral zichtbaar onder leerlingen met een kwetsbare sociaaleconomische en niet-Westerse achtergrond én in scholen met een hoger aantal jongens. In dit project wordt daarom de rol van gender-cultuur onder leeftijdsgenoten op school onderzocht als substantiële verklaring voor sekseongelijkheid in Nederlandse middelbare scholen.
Hierbij bestudeert het team van Kraaykamp onder leiding van projectleider dr. Margriet van Hek onder anderen de variatie naar familieachtergrond van leerlingen en compositie en organisatie van de school. Eerder onderzoek heeft namelijk aangetoond dat tijdens de adolescentie leeftijdsgenoten en de schoolomgeving de houdingen, gedragingen en prestaties van leerlingen beïnvloeden. Over de mate waarin deze onderliggende processen genderspecifiek zijn is veel minder bekend. Kwalitatief onderzoek toont dat gendernormen vooral voor jongens de mogelijkheden om academische capaciteiten te ontwikkelen beperken. De verschillen in prestaties worden namelijk groter in het voortgezet onderwijs waar jongens meer anti-academische houdingen en gedragen ontwikkelen.
De gender-verschillen in schoolprestaties leiden hoe dan ook tot vergaande individuele én maatschappelijke gevolgen. Dit onderzoek brengt in kaart in welke mate de gender-cultuur onder leeftijdsgenoten anti-academische houdingen, gedrag en cijfers op Nederlandse middelbare scholen verklaart.
Resultaten onderzoek
Met de resultaten uit dit onderzoek worden niet alleen de NCO-data aangevuld. Overheden en scholen kunnen met de opgedane inzichten ook evidence-based beleid ontwikkelen om genderongelijkheid tegen te gaan. Ten slotte kan bewustwording van genderspecifieke processen onder docenten en leerlingen worden vergroot.
NCO open modules in het po en vo
Met deze beurs konden aanvragers maximaal €540.000,- aanvragen om met hun onderzoek de NCO-data aan te vullen met een zogenaamde module. Deze modules zijn gericht op specifieke onderwerpen waarvoor geen registerdata beschikbaar zijn. De aanvullende modules omvatten bijvoorbeeld gegevens over de invloed van relaties met leeftijdsgenoten op schoolkeuze, schoolprestaties en sociale integratie op de middelbare school, en gegevens over de relatie tussen gezondheid en leerprestaties. In 2018 en 2021 zijn de eerste twee beurzen met een open module ter verrijking van het NCO-databestand gehonoreerd.
Module: PRIMS
Module: EPOSS